Onrust op energie- en transportmarkten zet de Europese staalmarkt begin maart opnieuw op scherp. Stijgende olie- en gasprijzen, gestegen verzekeringspremies, onzekerheid rond internationale scheepvaartroutes en terughoudende verkoopstrategieën van staalfabrieken zorgen ervoor dat het marktsentiment in korte tijd is veranderd. Dat blijkt uit het nieuwe Staaljournaal van Noviostaal.

Waar staalprijzen zich de afgelopen maanden geleidelijk herstelden, verschuift de aandacht nu vooral naar kostenontwikkeling, leveringszekerheid en beschikbaarheid van materiaal. Marktpartijen volgen de ontwikkelingen op energie- en logistieke markten daarom nauwgezet, omdat deze factoren op korte termijn bepalend kunnen zijn voor het verdere prijsverloop.
Tegelijk onderzoekt de Europese Commissie mogelijke noodmaatregelen om industriële energiekosten op korte termijn te verlagen. Hoge elektriciteitsprijzen drukken al langer op de concurrentiepositie van energie intensieve sectoren zoals staal. Aanpassingen in netwerkkosten en CO2 gerelateerde lasten kunnen op termijn invloed hebben op kostenstructuren en prijsstrategieën van staalfabrieken.
De discussie rond mogelijke staatssteun aan Tata Steel Nederland onderstreept hoe ingrijpend de verduurzaming van de Europese staalindustrie momenteel is. In Nederland wordt vanuit economisch perspectief kritisch gesproken over een steunpakket tot ca. € 2 miljard voor de modernisering van de productielocatie in IJmuiden, als onderdeel van de transitie naar een CO2-armere staalproductie. Tegelijk wordt er vanuit diverse andere invalshoeken benadrukt dat het behoud van voldoende staalproductie in Europa belangrijk is om afnemers betrouwbaar te kunnen blijven beleveren en de afhankelijkheid van import te beperken. Investeringen in nieuwe technologieën kunnen bijdragen aan een duurzamere productie en voorkomen dat essentiële productievolumes op langere termijn verschuiven naar regio’s met lagere kostenstructuren. Daarbij staan ook tienduizenden directe en indirecte arbeidsplaatsen op het spel, wat het bredere economische belang van deze ontwikkelingen onderstreept.
In verschillende segmenten worden aanbiedingen tijdelijk ingetrokken of slechts beperkt afgegeven, terwijl levertijden bij sommige staalfabrieken verder oplopen. In de markt voor warmgewalste coils ontstaat daarnaast op meerdere plaatsen een toenemend gevoel van schaarste, doordat spotvolumes slechts bij enkele staalfabrieken beperkt beschikbaar zijn en transportkosten voor importmateriaal oplopen. Dit zorgt ervoor dat prijsinitiatieven momenteel vooral worden gestuurd door de aanbodzijde en minder door een duidelijke volumegroei of positievere economische ontwikkelingen. Hierdoor ontstaat een merkbaar nerveuze markt waarin kopers en verkopers voorzichtig opereren en prijsontwikkelingen grilliger verlopen.
Importstromen spelen in het huidige marktbeeld een steeds kleinere rol. Hogere vrachtkosten, geopolitieke onzekerheid en strengere handelsmaatregelen maken niet-Europees materiaal minder vanzelfsprekend. Hierdoor ontstaat meer ruimte voor Europese staalfabrieken om hun prijsbeleid strakker te voeren, terwijl de markt gespannen blijft zolang de industriële vraag geen duidelijk herstel laat zien.
Geopolitiek en kosten bepalen marktsentiment
De recente escalatie van spanningen in het Midden Oosten heeft geleid tot merkbare bewegingen op energie en grondstoffenmarkten. Olie en gasprijzen zijn sinds eind februari duidelijk gestegen, mede door zorgen over mogelijke verstoringen van belangrijke internationale scheepvaartroutes. Hoewel Europese beleidsmakers aangeven dat de directe energievoorziening voorlopig niet in gevaar is, blijft de markt gevoelig voor verdere escalatie en de mogelijke impact daarvan op transport en productie.
Voor staalfabrieken vertaalt deze situatie zich in hogere elektriciteitskosten en oplopende kosten voor energie-intensieve grondstoffen. Aangezien energie een substantieel onderdeel vormt van de totale productiekosten, reageren staalmakers voorzichtig op deze ontwikkelingen. In meerdere productsegmenten werden aanbiedingen tijdelijk uit de markt gehaald om eerst meer duidelijkheid te krijgen over de verdere kostenontwikkeling. Tegelijk proberen staalfabrieken bij nieuwe aanvragen hogere basisprijzen door te voeren met als doel marges te beschermen in een onrustige markt.
Naast energie spelen ook logistieke factoren een grotere rol in de prijsvorming. Hogere brandstofkosten leiden tot duurdere transporttarieven, terwijl onzekerheid over vaarroutes in sommige regio’s resulteert in langere levertijden, stijgende verzekeringspremies en hogere zeevrachtkosten. Dit maakt het voor Europese afnemers lastiger om langetermijn-inkoop vast te leggen en versterkt de positie van de Europese staalfabrieken.
Het internationale handelsbeeld verandert hierdoor merkbaar. Importstromen richting Europa staan onder druk en aanbiedingen uit verschillende herkomstlanden liggen steeds dichter bij Europese prijsniveaus. In sommige gevallen worden geplande leveringen zelfs uitgesteld of geannuleerd, wat de beschikbaarheid van staal van buiten Europa verder beperkt. Tegelijk lijkt CBAM nu al invloed te hebben op handelsstromen doordat export van sommige staalproducten richting Europa afneemt en importposities voor afnemers minder vanzelfsprekend worden.
Voorzichtige vraag en veranderende wereldmarkt
Ondanks de oplopende kosten blijft de vraagontwikkeling in Europa voorlopig terughoudend. In sectoren zoals bouw, machinebouw en algemene industriële productie is de activiteit nog altijd gematigd, waardoor servicecentra hun inkoopstrategie grotendeels beperken tot vervangingsvolumes. Voorraadposities blijven relatief hoog in vergelijking met historische gemiddelden, wat de bereidheid om nieuwe tonnages vast te leggen beperkt. Eindgebruikers tonen daarnaast voorzichtigheid in het aangaan van langlopende contracten, mede door onzekerheid over economische vooruitzichten, oplopende inflatie en financieringskosten. Daarnaast zorgt de naderende invoering van het CBAM bij veel marktpartijen voor een afwachtende houding. Importtransacties worden complexer en minder voorspelbaar, waardoor kopers hun inkoopbeslissingen vaker uitstellen of beperken tot lagere termijnvolumes.
Ook vanuit de automotive sector komen signalen dat de marktomstandigheden uitdagend blijven. Europese autofabrikanten rapporteren druk op winstgevendheid door toenemende internationale concurrentie, wisselkoerseffecten en importheffingen in belangrijke exportmarkten. Hoewel de autoverkopen binnen Europa relatief stabiel blijven, wijzen marktpartijen op een gemengd vraagbeeld en toenemende prijsdruk in mondiale markten zoals China. Tegelijk kijken sommige fabrikanten naar uitbreiding van productie in regio’s met lagere kosten, wat op langere termijn invloed kan hebben op regionale staalvraag en handelsstromen.
Wij zien in de praktijk dat sommige verwerkende bedrijven zich recent iets nadrukkelijker hebben ingedekt tegen mogelijke verstoringen, mede door geopolitieke onzekerheid en oplopende kosten.
Tegelijkertijd zijn er signalen dat het sentiment langzaam verbetert. In sommige segmenten neemt het aantal aanvragen voorzichtig toe, met name voor verwerkte vlakstaalproducten zoals koudgewalst en verzinkt materiaal. Dit kan erop wijzen dat marktpartijen anticiperen op een verder stabiliserend prijsniveau en mogelijke leveringskrapte later in het jaar. Het herstelbeeld blijft echter fragiel en sterk afhankelijk van externe factoren zoals energieprijzen en geopolitieke ontwikkelingen.
Op wereldwijd niveau lijkt het prijsbeeld op staalmarkten recent verder aan te trekken. In meerdere grote staalproducerende regio’s stijgen prijsniveaus deze week zichtbaar door. Vooral in Azië sturen overheden en staalfabrieken nadrukkelijker op productiebeheersing om overcapaciteit te beperken. Hierdoor neemt de kans op een plotselinge toename van goedkoop exportmateriaal af. Voor Europa betekent dit dat prijsontwikkelingen sterker worden bepaald door regionale kostenstructuren en handelsmaatregelen.
Prijsontwikkeling en vooruitblik Europese staalmarkt
Prijzen voor warmgewalste coils in Europa trekken begin maart licht aan. Basisprijzen bewegen in Noordwest Europa richting € 700 tot € 730 per ton af fabriek, afhankelijk van volumes en levertijden. In Zuid-Europa worden vergelijkbare niveaus genoemd, al blijft het verschil tussen vraagprijzen en daadwerkelijke transacties soms zichtbaar. Dit wijst op een markt die zich geleidelijk aanpast aan hogere kosten zonder dat kopers direct grote prijsstappen accepteren.
In verwerkte vlakstaalproducten is de opwaartse beweging duidelijker. Voor Sendzimir verzinkte coils worden inmiddels prijsniveaus rond € 800-820 per ton en hoger genoemd, met verdere verhogingen voor leveringen in het tweede kwartaal. Ook in de plaatmarkt neemt de prijsdruk toe door hogere aanbiedingen voor walsplakken en een beperkter importaanbod. Oplopende levertijden bij sommige staalfabrieken wijzen erop dat het beschikbare aanbod in bepaalde segmenten krapper wordt.
Vooruitkijkend zoekt de Europese staalmarkt naar een nieuw evenwicht terwijl de onderliggende spanning aanhoudt. Hogere energie en transportkosten en minder import ondersteunen het prijsniveau op korte termijn. Tegelijk blijft de vraagontwikkeling bepalend voor de ruimte voor verdere prijsverhogingen. Naar verwachting zullen staalprijzen de komende maanden eerder licht verstevigen dan opnieuw onder druk komen. De balans tussen kosten, industriële activiteit en geopolitieke spanningen blijft bepalend richting de zomer.
ArcelorMittal
De staalfabriek houdt hoogoven B in Gijón, Spanje nog enkele maanden buiten gebruik na een mislukte poging om de installatie te stabiliseren. Het afkoelingsproces start op korte termijn en het kan geruime tijd duren voordat de productie weer volledig wordt hervat.
In Frankrijk heeft de Senaat een voorstel afgewezen om de nationale activiteiten van ArcelorMittal te nationaliseren. Volgens beleidsmakers kunnen structurele problemen zoals zwakke vraag, overcapaciteit, hoge energiekosten en sterke internationale concurrentie niet worden opgelost door een wijziging van eigendom. De aandacht verschuift daarom naar maatregelen die investeringen en de concurrentiepositie van de sector moeten versterken.
In Polen zijn voorbereidende werkzaamheden gestart om hoogoven 3 in Dabrowa Gornicza mogelijk opnieuw op te starten. De installatie ligt sinds september 2025 stil als gevolg van ongunstige marktomstandigheden.
Acciaierie d’Italia (ADI)
Een rechtbank in Milaan heeft Acciaierie d’Italia opgedragen de productie in Taranto-fabriek stil te leggen wegens gezondheidsrisico’s, met ingang van 24 augustus, zolang bepaalde milieumaatregelen niet zijn uitgevoerd.
Eerder deze maand heeft de staalproducent hoogoven 4 tijdelijk stilgelegd voor onderhoud tot eind april. Hoogoven nummer 2 werd op 10 februari heropgestart. ADI wil tegen eind april 2026 de productie verdubbelen tot 4 miljoen ton per jaar, maar de rechterlijke uitspraak kan deze plannen belemmeren.
De fabriek wordt momenteel verkocht, waarbij het Amerikaanse investeringsfonds Flacks Group als mogelijke nieuwe eigenaar wordt genoemd. Flacks Group heeft een symbolisch bod van € 1 gedaan op de activa van ADI en beloofd ca. € 5 miljard te investeren om de staalproductie te herstellen en zo’n 8.500 banen te behouden. Volgens het plan krijgt de Italiaanse overheid eerst een belang van 40%, dat Flacks Group later wil overnemen voor € 500 miljoen tot € 1 miljard.
ThyssenKrupp
Het Amerikaanse investeringsbedrijf Flacks Group overweegt een bod uit te brengen op Thyssenkrupp Steel Europe als de huidige verkoopgesprekken met Jindal Steel International, die sinds afgelopen herfst lopen, op niets uitlopen. Het bedrijf kijkt momenteel vooral naar kansen in Italië (Acciaierie d’Italia), maar heeft ook interesse in grote staalbedrijven in Europa. Volgens marktinschattingen past deze interesse in een bredere ontwikkeling waarbij financiële investeerders vaker kansen zien in herstructureringen binnen de Europese staalindustrie.
Indicatieve basisprijzen
| Indicatieve basisprijzen per ton | Warm-gewalste coils | Koud-gewalste coils | Sendzimir verz.coils | Kwartoplaat |
|---|---|---|---|---|
| januari 2026 | € 630 – 660 | € 730 – 750 | € 730 – 760 | € 700 – 720 |
| februari 2026 | € 660 – 680 | € 770 – 795 | € 780 – 795 | € 725-745 |
| maart 2026 | € 700 – 730 | € 820 – 845 | € 810 – 835 | € 775-795 |
*Bij deze prijzen dienen nog toeslagen voor kwaliteit, dikte/breedte/lengte en eventueel beitsen, evenals vrachtkosten gerekend te worden.
***Genoemde prijzen zijn indicatief, circa en geheel vrijblijvend.


