Analyse Erik Spikmans: ‘Asterix en Obelix in de metaal?’

We zijn halverwege 2019, heel de Europese metaalindustrie is bezet door het negatieve sentiment. Helemaal? Nee, want één landje biedt koppig weerstand aan het pessimisme. In de Nederlandse metaal gaat het namelijk helemaal niet zo slecht. De bedrijven in deze markt zijn flexibel en leveren aan veel verschillende afzetmarkten. Dus als het in de ene markt wat slechter gaat, is er wel een andere markt die het opvangt.

Voor de jongere lezers: Bovenstaande ‘quote’ is gebaseerd op het eerste zinnetje in elk boek van de stripfiguren Asterix en Obelix, over de onoverwinnelijkheid van hun woonplaats. Maar ondanks dat je de parallel door kunt trekken naar het Nederlandse optimisme, moeten we natuurlijk wel alert blijven. De lange periode van onzekerheid over bijvoorbeeld de toekomst van de auto(motive) verlamt de Duitse industrie, maar ook in Nederland voelen we het in bijvoorbeeld de verspaning. Daarnaast is de automotive altijd al een pijler geweest onder het vertrouwen in de economie, ook in Nederland.

Ontwikkelingen per metaalmarkt

In de markt voor stalen platen werd vóór de vakantie door de fabrieken nog een prijsverhoging aangekondigd. Vanwege de stijging van de grondstofkosten zat het er al aan te komen. De marktvraag is echter afwachtend en de grondstofkosten zijn inmiddels weer wat gedaald, dus het fundament voor de prijsverhoging lijkt niet sterk.

De markt voor lange stalen producten ontwaakt uit de zomerslaap. De Zuid-Europese buisfabrikanten zijn pas net opgestart na het zomerreces. Traditioneel rept men over prijsstijgingen, echter de iets afvlakkende vraag en de prijsdruk op het voormateriaal ondermijnen dit voornemen. Omdat de huidige prijzen relatief laag zijn, is het voor Zuid-Europese fabrieken lastiger om concurrerend aan te bieden in de Noord-Europese markt. Ze hebben immers te maken met een procentueel groter aandeel vrachtkosten in hun kostprijs. Het stafmateriaal, met name de verspaanbare kwaliteiten, heeft nog steeds te maken met prijsdruk vanwege de dalende vraag. Enige structuur in prijzen en verhoudingen tussen legeringen, fabrieken en diameters is zoek. Dit zal zich de komende maanden zeker weer stabiliseren.

De RVS-markt zorgt momenteel wel voor de nodige reuring. Hoewel de marktvraag niet bijzonder groeit, stijgen de prijzen flink. Dit heeft alles te maken met de snelle stijging van de nikkelprijs. De prijs van deze beursgenoteerde grondstof steeg sinds begin juli met ruim 30% tot een niveau boven de $ 16.000 p/t. Deze nikkelkoorts wordt vooral veroorzaakt door de aankondiging van Indonesië dat het land, met enorme voorraden nikkelerts, vanaf 2022 geen onbewerkt nikkelerts meer zal exporteren. Op zich geen nieuws, dit was een paar jaar geleden al bekend, maar er wordt nu volop op gespeculeerd én op gekocht.

De markt voor aluminium heeft de laatste tijd minder last gehad van ‘grote politieke uitspraken’, dus is er minder volatiliteit. Er zijn ook geen grote fabrieken gesloten of belemmerende overstromingen geweest, zoals eerder in Zuid-Amerika. Hoewel er nog wel sprake is van overcapaciteit, neemt de vraag toe door de populariteit van producten als elektrische auto’s en gevelcomponenten. Al met al een rustiger markt dus.

We proberen bij MCB ons hoofd koel te houden en durven ook te investeren, het is de kunst om ook met tegenwind te varen. Maar voorlopig is het nog wel windstil, als Nederlanders laten we ons niet door het pessimisme ‘overvallen’. Of door de Romeinen.

Erik Spikmans, MCB Nederland

Reageren?
redactie@vraagenaanbod.nl