De Europese Commissie heeft begin deze maand de vereenvoudigde European Sustainability Reporting Standards (ESRS) vastgesteld. Hiermee geeft het uitvoering aan het Omnibus I-pakket, dat de administratieve lasten van duurzaamheidsrapportage aanzienlijk moet verminderen. Hoewel er nog een toetsingsperiode overheen zal gaan, ligt het voor de hand dat de herziene standaarden ongewijzigd in werking zullen treden.

Waar bedrijven voorheen ongeveer 1.200 datapunten moesten beoordelen, blijven er in de nieuwe ESRS circa 350 verplichte datapunten over. Ondernemingen zullen binnen de nieuwe regelgeving alleen hoeven te rapporteren over onderwerpen die op basis van de materialiteitsanalyse daadwerkelijk relevant zijn.
Betere aansluiting
Een belangrijke wijziging is de vereenvoudiging van de dubbele materialiteitsanalyse (DMA). Bedrijven krijgen meer ruimte voor een top-downbenadering, waardoor zij sneller kunnen bepalen welke duurzaamheidsthema’s materieel zijn. Ook komen er meer mogelijkheden om gegevens te bundelen, gebruik te maken van schattingen en commercieel gevoelige informatie beter te beschermen.
De herziene ESRS sluiten bovendien beter aan op internationale rapportagestandaarden, zoals IFRS Sustainability Disclosure Standards. Dat maakt het voor internationaal opererende ondernemingen eenvoudiger om aan verschillende rapportageverplichtingen te voldoen en voorkomt dubbel werk.
Nog niet definitief
Daarmee wordt de duurzaamheidsrapportage zeker niet minder belangrijk. De focus verschuift: van zoveel mogelijk data verzamelen naar het rapporteren van de informatie die echt relevant is voor de onderneming, haar impact en haar risico’s.
De herziene ESRS zijn vastgesteld door de Europese Commissie, maar moeten nog de formele toetsingsperiode doorlopen in het Europees Parlement en de Raad. Grote wijzigingen worden daarbij niet verwacht.


