Extreem weer vergroot risico’s voor Nederlandse industrie

Foto van: De redactie
Geschreven door De redactie

Langdurige hitte en droogte kunnen Nederlandse industriebedrijven steeds vaker raken in hun productie. Vooral bedrijven die afhankelijk zijn van rivierwater voor koeling lopen risico wanneer waterstanden dalen en het rivierwater opwarmt. ABN AMRO wijst in een nieuw sectorrapport op de kwetsbaarheid van de chemie, energie- en metaalindustrie.

Foto: Marekr / Pixabay

Veel fabrieken gebruiken rivierwater om productie-installaties te koelen. Bij langdurige droogte neemt de hoeveelheid beschikbaar water af, terwijl hoge temperaturen het rivierwater tegelijkertijd opwarmen. Daardoor wordt niet alleen koelen lastiger, maar kunnen bedrijven het gebruikte koelwater ook minder gemakkelijk teruglozen.

Voor grote rivieren geldt een ecologische richtwaarde van 25 graden Celsius. Wanneer temperatuurgrenzen worden bereikt of dreigen te worden overschreden, kan Rijkswaterstaat op basis van bestaande vergunningen beperkingen opleggen aan warmtelozingen. Dat kan leiden tot een lagere productie, tijdelijke stillegging van installaties en hogere kosten. In de zomer van 2026 kwam de gemiddelde dagtemperatuur van het Rijnwater bij Lobith volgens het rapport meerdere keren boven de richtwaarde uit.

Steeds vaker

Vooral zware industrie is afhankelijk van koelwater. Uit CBS-cijfers die ABN AMRO aanhaalt, blijkt dat de energiesector in 2023 bijna 2,9 miljard kubieke meter zoetwater gebruikte voor koeling. De chemische industrie volgde met bijna 1,2 miljard kubieke meter. Het gebruik in de basismetaalindustrie bedroeg 4,7 miljoen kubieke meter.

De gevolgen voor de Nederlandse chemische industrie bleven deze zomer volgens branchevereniging VNCI nog beperkt. Bedrijven ondervonden ondanks de overschrijding van de ecologische richtwaarde nog geen hinder van watertekorten. ABN AMRO wijst er wel op dat hitte en droogte volgens de KNMI’23-klimaatscenario’s vaker zullen voorkomen.

Metaal kan watergebruik beperken

Industriebedrijven kunnen hun afhankelijkheid van oppervlaktewater verkleinen door koelwater vaker opnieuw te gebruiken. ABN AMRO noemt gesloten koelwatersystemen als mogelijkheid. Daarbij koelen bedrijven opgewarmd water via koeltorens af, waarna het opnieuw het productieproces in kan. Hierdoor hoeven zij minder water uit rivieren en meren te halen en neemt ook de hoeveelheid warm water die zij lozen af.

Voor metaalbedrijven noemt het rapport daarnaast recycling als manier om het watergebruik terug te dringen. De productie van secundair metaal vraagt minder energie dan de productie van primair metaal, waardoor doorgaans ook minder koelwater nodig is.

Ook ketens kwetsbaar

De gevolgen van extreem weer beperken zich niet tot de eigen productielocatie. Industriebedrijven zijn vaak afhankelijk van elektriciteit, telecommunicatie, waterbeheer, grondstoffen en transport. Uitval in een van die schakels kan volgens ABN AMRO grote keteneffecten veroorzaken. Bedrijven doen er daarom goed aan inzicht te hebben in hun waardeketen en in de risico’s bij verschillende toeleveranciers.

Ook de logistiek kan onder druk komen te staan. Bij lage waterstanden kunnen binnenvaartschepen minder lading vervoeren en kunnen vaarwegen tijdelijk onbevaarbaar raken. In juli 2026 zakte de waterstand bij Kaub, een belangrijke graadmeter voor de bevaarbaarheid van de Rijn, ruim onder het kritieke niveau van 77 centimeter. Dat verkleint de transportcapaciteit en kan de vrachttarieven verhogen.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *