In de fabriekshallen van plaatbewerkingsbedrijf Veluw Metal Creations (VMC) is het licht, opgeruimd en opvallend rustig. De machines snijden en buigen door, vaak zonder dat er een mensenhand aan te pas komt. Tussen die installaties staan sinds kort twee aanwinsten die de aandacht trekken, twee volautomatische Trumpf Trubend 5000-buigcellen, elk achttien meter lang.

De twee nieuwe Trumpf Trubend 5000-buigcellen van VMC behoren tot de meest uitgebreide uitvoeringen die Trumpf levert. Elke cel is achttien meter lang en volledig geautomatiseerd, uitgerust met een automatische gereedschapswisselaar (ToolMaster), pallet- en transportafvoersystemen en een tangengrijper. De Trumpf Trubend 5230 heeft een perskracht van 230 ton. De buigcellen kunnen producten verwerken variërend van A5-formaat tot platen van drie bij anderhalve meter, met gewichten tot circa 120 kilo, afhankelijk van de gebruikte gripper. De robot heeft negen verschillende grijpers beschikbaar en wisselt die automatisch. Bij het buigen controleert de machine elk product individueel met druksensoren in de achteraanslagen en met een hoekmeetsysteem op basis van lasers, dat eerst de terugvering meet en daarna de exacte eindhoek buigt. Als een zetting buiten de tolerantie valt, stopt de machine automatisch. De cellen draaien inmiddels ongeveer een half jaar mee in de productie en kunnen onder andere aanvoer- en afvoerrollenbanen gebruiken. In de uitgebreide uitvoering legt de robot onderdelen automatisch op pallets of op transportbanden die naar buiten rijden. Dankzij deze combinatie van grijpercellen, gereedschapswissel en automatische kwaliteitscontrole kan VMC zowel kleine producten als grote, zware onderdelen manloos en continu verwerken.
Zwaarder buigwerk
Volgens Arjan van Veluw, zoon van VMC-oprichter Arie van Veluw, is vooral de schaal van de installatie onderscheidend: ‘Er zijn in Nederland natuurlijk al verschillende buigrobots, maar er zijn er maar weinig van deze afmeting en die deze variatie aan producten kunnen buigen. Met groter en zwaarder buigwerk maken wij het meeste verschil. Wat je normaal met vier handen buigt, doen we nu zonder handen.’ Het bedrijf noemt het zelf robotbuigen in het segment waar het verschil gemaakt kan worden. Grote platen, hoge gewichten, producten die je normaal met twee personen of een kraan moet draaien en keren. Kleine producten kan de robot ook verwerken, maar voor dat soort werk is handbuigen vaak nog sneller. VMC vult de nachtproductie juist wel met die kleinere series, om de machine optimaal te benutten.
Controle
Het hoekmeetsysteem dat voor elk product controleert of de zetting binnen tolerantie valt is noodzakelijk bij onbemand buigen. ‘Dat heb je echt nodig bij een robot. Als je ’s nachts onbemand door produceert, wil je ’s ochtends niet met honderden foute producten geconfronteerd worden’, zegt Arjan.
Een fabriek ingericht
Wie door de fabriek loopt, ziet dat de automatische buigcel niet op zichzelf staat. Het bedrijf werkt ook met een volledig automatisch plaatmagazijn dat de lasersnijders 24 uur per dag van materiaal voorziet. Platen komen aan de achterkant van het pand binnen en bewegen per hal verder door het productieproces. Het snijwerk gebeurt grotendeels in huis. VMC snijdt alles tot drie bij anderhalve meter zelf, op meerdere lasers, waaronder nieuwe fiberlasers van 24 kW. De oudere CO2-lasermachines van 5 en 6 kW worden stapsgewijs vervangen. Snijden, ponsen, buigen, lassen en nabewerking op de freesmachine gebeurt allemaal intern. Na het snijden zijn de afbraammachines aan de beurt. Met schuurbanden en flexibele borstels worden gaten afgerond en snijkanten afgebraamd. Naast de twee buigcellen staan er 16 bemande kantbanken in de fabriek om de platen vorm te geven. Plaatdelen worden daarna op de tien lasrobots of door een van de handlassers samengesteld tot halffabricaat.
Voorraadhoudend
VMC produceert voor klanten in binnen- en buitenland en veel van hun klanten bedienen weer internationale markten. Opvallend is dat VMC voorraadhoudend werkt. Klanten bestellen bijvoorbeeld honderd producten, maar nemen er telkens vijfentwintig af. De rest blijft in het magazijn van VMC totdat de klant het nodig heeft. ‘Het heeft tot gevolg dat de klant binnen 24 uur ook complexe producten geleverd kan krijgen’, vertelt directeur Arie van Veluw. ‘Dat is een enorm voordeel. Voor ons ook, want wij produceren zo grotere series en kunnen daardoor efficiënter en goedkoper werken. Want hoe komt het dat wij allemaal een wasmachine en een auto hebben? Omdat die in serie zijn gemaakt’, zo legt hij het belang van grote series uit.
Investeren in een moeilijke markt
Hoewel VMC duidelijk gelooft in automatisering, is de timing uitdagend. De markt kent momenteel een dip, erkent Arie van Veluw. Klanten hebben minder opdrachten, terwijl loonkosten en kosten van energie de afgelopen jaren fors zijn gestegen. De concurrentie met het buitenland wordt daardoor scherper. Tegelijkertijd wordt het steeds moeilijker goede mensen te vinden. Dat is een van de redenen waarom de nieuwe buigrobots zijn aangeschaft. De investeringen zijn volgens VMC groot en de risico’s aanzienlijk. Terugverdientijd is niet vanzelfsprekend. De machine moet ‘echt vol’ zitten om rendabel te draaien. Maar het vertrouwen in de toekomst is er wel degelijk.

Energie als strategische factor
In de fabriek valt iets anders op. Overal zijn voorzieningen aangebracht om energie te besparen of terug te winnen. VMC zegt dat het ‘het duurzaamste en groenste metaalbedrijf van Nederland’ is. Een aantal jaren geleden kwam zelfs koningin Maxima langs om de groene activiteiten van het bedrijf te bekijken. Op het dak liggen 7.612 zonnepanelen. Buiten staat een accupakket van 1,305 megawatt, waarmee pieken in het elektriciteitsverbruik kunnen worden opgevangen en waarop overdag niet-gebruikte zonne-energie ’s nachts kan worden opgemaakt. De fabriek draait regelmatig volledig op zonne-energie. Op zonnige dagen wordt tot 1.500 kW opgewekt. Het personeel kan desgewenst gratis elektrisch laden op het terrein.
Restwarmte
De restwarmte van de lasersnijmachines wordt gebruikt om de fabriek te verwarmen. Het gasverbruik is daardoor lager dan dat van een eengezinswoning. In de zomer wordt adiabatisch gekoeld. ‘Water sijpelt door karton, en lucht die daar doorheen wordt getrokken verlaagt de temperatuur met wel tien graden’, legt Arjan van Veluw uit. Voor luchtkwaliteit worden HEPA-filters gebruikt, zodat warme lucht kan worden gerecirculeerd. Voor een CSRD-berekening is gekeken naar de klimaatbelasting van het bedrijf. Die ligt rond de 24 ton stikstof uitstoot per jaar. ‘Ze hebben het twee keer gecheckt, want zo laag komt eigenlijk nooit voor.’
Plannen voor uitbreiding
VMC beschikt nu over ongeveer 25.000 vierkante meter aan productieruimte en wil dat uitbreiden met nog eens 12.500 vierkante meter. De combinatie van voldoende ruimte en voldoende stroom ziet het bedrijf als een steeds belangrijker concurrentievoordeel. Nederland worstelt met netcongestie. VMC probeert die beperking voor te blijven met eigen opwekking en opslag.
Kennis borgen
Arjan van Veluw wordt klaargestoomd om zijn vader op te volgen. Na een gedegen opleiding en een aantal jaar ervaring bij een extern bedrijf is hij nu bezig alle praktijkvaardigheden van het bedrijf onder de knie te krijgen. Hij volgde cursussen lassen en verspanen, werkt aan buig- en walsprocessen en leert de medewerkers en afdelingen kennen. Ook schrijft hij leermodules voor de verschillende afdelingen. Nieuwe medewerkers en zij-instromers krijgen hiermee een mix van theorie en praktijk om tot het gewenste niveau te komen. Het doel is het kennisniveau op peil te houden in een bedrijf dat veel bewerkingen zelf uitvoert.
Arjan benadrukt dat ze klanten niet alleen voorzien van bewerkingen, maar ook helpen bij het productierijp maken van onderdelen. Door mee te denken over vormgeving en maakbaarheid kunnen producten efficiënter en goedkoper worden geproduceerd. Een belangrijk onderscheidend vermogen van VMC.
Investeren om voorop te blijven
De twee nieuwe Trubend 5000-buigcellen zijn meer dan een op zichzelf staande investering. Ze passen in een fabriek die al sterk geautomatiseerd is en die verder wil groeien, met zichtbaar vertrouwen in de toekomst. VMC probeert zich te onderscheiden met groot en zwaar buigwerk, uitgebreide interne bewerkingsmogelijkheden, voorraadhoudend produceren en actief meedenken met klanten. Tegelijkertijd werkt het bedrijf aan een vrijwel volledig groene energievoorziening en een uitbreiding van de locatie. Zo wil VMC voorop blijven lopen en productie in Nederland behouden.


