De markt voor humanoïde robots groeit razendsnel en de verwachtingen zijn hooggespannen: analisten voorspellen dat het marktpotentieel wel eens groter kan worden dan dat van de auto-industrie zal overtreffen. Daar kan de Europese maakindustrie van profiteren. Maar dan moet die wel nú in actie komen.

Op beurzen en in de media zijn humanoïde robots hét gezicht van ‘embodied AI’ — de volledige integratie van kunstmatige intelligentie in fysieke machines. De VS en Azië domineren vooralsnog het nieuws, maar ook in Europa is er beweging. De vraag is alleen: profiteert de Europese industrie daar ook van?
Het Fraunhofer Instituut voor Productietechniek en Automatisering (IPA) en managementadviesbureau P3 onderzochten precies die vraag. In het gratis te downloaden white paper ’The Humanoid Hardware Value Chain: Can the European Manufacturing Industry Capitalize on the Humanoid Momentum?’ analyseren de auteurs welke rol hardwarecomponenten spelen en waarom Europese maakbedrijven hier serieuze kansen laten liggen.
Hardware bepaalt het succes
Ondanks alle aandacht voor AI-software blijft hardware de doorslaggevende factor voor de commerciële haalbaarheid van humanoïde robots. Actuatoren, tandwielkasten, batterijen en sensoren bepalen in grote mate de kostenefficiëntie, betrouwbaarheid en schaalbaarheid van deze systemen. En juist op dat vlak zijn er nog grote tekortkomingen: een gestandaardiseerde hardware-architectuur ontbreekt, en bestaande componenten voldoen lang niet altijd aan de industriële eisen voor robuustheid, levensduur en kostprijs.
Die kloof tussen wat beschikbaar is en wat de markt vraagt, creëert een opening. Europese bedrijven met diepgewortelde expertise in automatisering, mechatronica en industriële productie zijn in principe goed in staat om daar gebruik van te maken.
Drie scenario’s, één conclusie
Om het marktpotentieel te kwantificeren, bouwden de onderzoekers een bottom-up kostenmodel voor de hardware van humanoïde robots, uitgesplitst naar sensoren, actuatoren, structuur en energie. Het model werd toegepast op drie configuraties: een budgetvariant, een middenklasse-uitvoering en een high-end systeem. Zo wordt zichtbaar welke componenten de totale systeemkosten domineren en waar de grootste uitdagingen liggen voor kosteneffectieve schaalvergroting. Eén bottleneck springt er bovenuit: flexibele handen. Mechanismen die de precisie en veelzijdigheid van de menselijke hand benaderen, zijn technisch nog nauwelijks beschikbaar tegen industrieel acceptabele kosten.
Vroeg instappen loont
Vincent Bezold, business segment manager bij Fraunhofer IPA en mede-auteur van het white paper, trekt een duidelijke conclusie: “Om voet aan de grond te krijgen in deze groeimarkt, is het cruciaal dat bedrijven gericht investeren in de ontwikkeling en industrialisatie van kostenrelevante en performancekritische hardwarecomponenten. En ze moeten vroeg en nauw samenwerken met de fabrikanten van humanoïde robots.”
Het white paper vormt onderdeel van een breder onderzoeksprogramma bij Fraunhofer IPA. Zo kondigt het instituut voor het eerste kwartaal van 2026 nog twee aanvullende publicaties aan: een benchmark waarmee humanoïde robots op zes criteria — waaronder energieverbruik en functionele en IT-veiligheid — met elkaar vergeleken kunnen worden, en een ‘readiness navigator’ waarmee bedrijven zowel robots als toepassingen kunnen indelen op vijf volwassenheidsniveaus.
Actie vereist
De boodschap is helder: de opkomst van humanoïde robots is geen verre toekomstmuziek meer, maar een reële marktontwikkeling die zich nu ontvouwt. Voor Europese leveranciers van aandrijftechniek, sensoren en precisie-mechanica liggen er concrete kansen — maar alleen voor wie tijdig in de waardeketen stapt.


